Expositie: In de rij voor voedsel in Coronatijd

De hoofdstad wordt hard geraakt door de coronacrisis. Het aantal Amsterdammers dat is aangewezen op de Voedselbank steeg met 50 procent. Fotograaf Wiebe Kiestra maakte op verzoek van de SP een ronde langs de verschillende voedselhulplocaties.

Met deze fotoserie wil de SP Amsterdam de honger, armoede en tweedeling in onze stad zichtbaar maken, de vrijwilligers eren die geweldig goed werk doen én de veerkracht, trots en menselijkheid in beeld brengen van mensen die deze hulp (tijdelijk) nodig hebben.

De rij voor voedselhulp bij stichting Hoop voor Morgen in Zuidoost reikt tot de volgende flat.

Foto's: Wiebe Kiestra

Stichting Carabic

Toen Maureen Hubbard en Leila Azzam werden opgebeld door gezinnen die zonder eten zaten, namen zij het initiatief een voedseldistributiepunt op te zetten. Aan het einde van de week hadden al tachtig families bij ze aangeklopt. Inmiddels voorziet Stichting Carabic meer dan negenhonderd mensen van voedsel. Daarnaast staan er nog zevenhonderd mensen op de wachtlijst.

Deze man haalt bij stichting Carabic voedselpakketten op voor de Nigeriaanse gemeenschap.

Waar in Nederland gemiddeld 6,5 procent op zoek is naar een baan, ligt dit percentage in Amsterdam inmiddels op 13 procent. Bijna een kwart van de Amsterdammers werkt daarnaast op basis van een flexibel dienstverband, waardoor de kans groot is dat zij in tijden van crisis als eerste de laan uit worden gestuurd.

Leila (links) en Maureen (rechts) sorteren spullen die binnenkomen.

Gerrit Boonekamp (57) uit Amsterdam-Zuidoost is sinds een paar jaar weduwnaar en heeft te weinig inkomen om van rond te komen. Hij is doof en kan dus moeilijk met anderen communiceren. Gelukkig heeft zijn buurvrouw Marilva hem ingeschreven bij stichting Caribic zodat hij wekelijks een voedselpakket kan ophalen. Dat is voor hem en zijn twee katten een grote hulp.

Buurthuis Archipel

In buurthuis Archipel in Oost worden drie keer per week rond de 500 maaltijden bereid. Voor een deel draait deze voedseluitgifte – net als elders in de stad - op groente- en fruitdonaties uit de horeca. De zussen Jasmin en Shazia Ishaq zijn - naast vele andere vrijwilligers - al jarenlang een belangrijke motor achter al deze hulpactiviteiten.

Jasmin Ishaq merkt op dat ze voedsel tekortkomen en dat de nood hoog is. Ze heeft regelmatig het gevoel dat ze kinderen die in de rij staan voor eten tekort doet en niet voldoende kan meegeven.

De zusjes Ichac
Shazia en Jasmin Ishaq, steunpilaren voor de buurt.
Tegenover buurthuis Archipel staan mensen in de rij voor de reguliere voedselbank, waar ze een voedselpakket kunnen ophalen.
Gerda en hondje Sjaak halen een krat op.

De Laurierstraat

Raadslid Tiers Bakker raakte zo geïnspireerd door voedselinitiatieven in de stad, dat het idee ontstond om ook het SP-actiepand aan de Laurierstraat om te dopen tot distributiepunt. Met hulp van de stichting Blije Buren.

Diemer kijkt naar hoe een lading spinazie naar binnen wordt gebracht.
Henny uit de buurt komt ook voor een voedselpakket.

Anne van Omme (65) woont vlakbij het actiepand van de SP en maakt gebruik van het voedselinitiatief. Hij is afgestudeerd historicus en heeft na een korte periode van werk in zijn vakgebied, vooral laagbetaalde banen gehad. Nu heeft hij sinds een paar jaar een WIA-uitkering en zit in de schuldhulpverlening.

Onder andere Tiers Bakker, Diemer Roodenburg en jongeren van jongerenorganisatie ROOD bemensen het distributiepunt.

Adopteer een Peer

In Amsterdam Noord deelt het initiatief Adopteer een Peer brood, groente en fruit uit aan bewoners van de Waterlandpleinbuurt. Het voedselpunt is een gezamenlijk initiatief van stichting Bildung, Amsterdam Civic en de SP in Amsterdam Noord.

De SP in Noord - waaronder raadslid Frans Rein Jurrema en Freds Yntema - zijn nauw betrokken bij dit initiatief. Zij halen verse maaltijden op die een traiteur in Amsterdam Zuid doneert.
Selma vertrekt met een tas voedsel.

Stichting Hoop voor Morgen

Regina Mac-nack runt de de voedselhulp van stichting Hoop voor morgen. De rij voor voedsel reikt bij deze voedselbank soms tot de volgende flat. Na sluiting helpen zij nog een hoop mensen die op de wachtlijst staan.

Regina Mac-Nack, de aanvoerder van stichting Hoop voor Morgen.

Vrijwilliger Elza Verhoef (55) uit Wilnis kent Regina van de kerk. In het begin van de coronacrisis nodigde Regina de aanwezigen tijdens een dienst uit om te komen kijken of helpen op het Geldershoofd, waar het voedseldistributiepunt van de Stichting Hoop voor Morgen gevestigd is. Sindsdien is Elza daar vrijwilliger. Ze vindt het onbegrijpelijk dat in een rijk land als Nederland de nood zo hoog kan zijn. Tegelijk vindt ze het heel hoopvol dat er voor dit doel zoveel gedoneerd wordt.

Deze man laadt kratten met voedsel in om deze te bezorgen bij zieke mensen die zelf niet kunnen komen en ongedocumenteerden.

Vrijwilliger Leendert Martens (60) uit de Bijlmer doet dit werk al sinds Regina begon met haar voedselhulp in 1994. Hij leerde Regina kennen door zijn werk voor stichting ‘Jepie Piking’ (‘help kinderen’ in het Surinaams). Ze kwamen bij Regina spullen halen. Ook Leendert wordt geïnspireerd door zijn geloof. Voor mensen in nood springt hij in de bres.

Oma en kleinkind verlaten het voedseluitgiftepunt.

In de rij voor voedsel in Coronatijd

Nederland is één van de rijkste landen in de geschiedenis van de mensheid.

portret van In de rij voor voedsel in Coronatijd

Wij beelden ons graag af als een land, dat de gelijkwaardigheid van iedereen hoog in het vaandel heeft staan. We roemen onze sterke sociale zekerheid en we vinden het belangrijk dat werknemers hun eerlijke deel van de winsten krijgen. We zien onszelf als een mooi land waarin de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen en iedereen meeprofiteert.

Achtereenvolgende kabinetten hebben die solidariteit echter al voor een deel afgebroken. De treurige gevolgen daarvan worden in de huidige crisis sterk zichtbaar. Het mooie Nederland kent ook een ander verhaal. En dat is een verhaal van honger en armoede. Elke dag staan mensen in de rij voor gratis voedsel, zodat zij en hun dierbaren die dag geen honger hoeven te lijden. De rij wordt elke week langer. En het einde is nog lang niet in zicht. Een leger van vrijwilligers staat klaar om iedereen in de rij te helpen.

In de rij vind je allerlei mensen. Van jonge kinderen tot grijze ouderen. Mensen van alle kleuren. De één met opgeheven hoofd, de ander met schaamte. Mensen die onlangs gescheiden zijn en hun huis uit moesten. Ouders die een cadeau kochten voor hun jarige kind maar dat eigenlijk niet konden betalen. Ouderen met AOW en een pensioen die te weinig geld overhouden om voedsel van te kopen. Ondernemers een zzp’ers die in de problemen zijn gekomen. Jongeren die hun baan kwijtraakten. Maar ook mensen die nog een baan hebben, maar voor wie het leven toch onbetaalbaar is geworden. Mensen die niet verwachtten dat dit hen ooit zou overkomen. Toch gebeurde het.

In het Nederland van Mark Rutte is armoede je eigen schuld en hoef je van de overheid niet veel te verwachten. Zo makkelijk als er met miljarden wordt gestrooid voor KLM en Shell, zo moeilijk is het voor de premier om armoede uit te bannen. Het is blijkbaar niet belangrijk genoeg. Zo veel rijker als Albert Heijn wordt tijdens deze crisis, zo veel langer wordt de rij.

De Coronacrisis laat ook zien wie onmisbaar zijn in dit land. Dat zijn de vrijwilligers die er voor zorgen dat hun buurtgenoten geen honger hoeven te lijden. Zonder hen was de ellende nog veel groter. Maar dat zijn ook het zorgpersoneel en de pakketjesbezorgers, de vrachtwagenchauffeurs, de maaltijdbezorgers en de leerkrachten, het winkelpersoneel en de schoonmakers. En natuurlijk vele anderen. Zij houden ons land draaiende. Dat is niet altijd zonder risico. Sommigen van hen kom je tegen in de rij.

Wij willen een land waarin de rij niet groter, maar kleiner wordt. Waarin mensen die keihard werken maar niets vanzelf krijgen, de waardering en de eerlijke beloning ontvangen die ze verdienen. Laten we armoedebestrijding net zo serieus nemen als de virusbestrijding, zodat mensen weer kunnen leven in plaats van overleven. Totdat er uiteindelijk geen rij meer is.

Met deze fotoserie wil de SP Amsterdam de honger, armoede en tweedeling in onze stad beter zichtbaar maken, de vrijwilligers eren die zoveel geweldig werk doen bij de informele voedseldistributie en de veerkracht, trots en menselijkheid in beeld brengen van mensen die deze hulp (tijdelijk) nodig hebben."

aan het laden